zaterdag 19 maart 2011

The lake Isle of Innisfree

I will arise and go now,
And go to Innisfree,
And a small cabin build there,
Of clay and wattles made;
Nine bean rows will I have there,
A hive for the honey bee,
And live alone in the bee-loud glade.
For peace comes dropping slow,
Dropping from the veils of the morning
To where the cricket sings;
There midnight's all a glimmer,
And noon a purple glow,
And evening full of the linnet's wings.
For always night and day
I hear lake water lapping
With low sounds by the shore;
While I stand on the roadway
Or on the pavements gray,
I hear it in the deep heart's core.



And I shall have some peace there,


I will arise and go now,


Ik zal opstaan om naar Innisfree te gaan
een klein hutje te bouwen, van twijgen en klei
te leven van mijn moestuin,
en van de honing uit de korven van de bij
En leven op die open plek vol gezoem

Ik zal mij er vredig voelen
want de vrede komt druppelsgewijs
vallend van de sluier van de ochtend
naar waar de krekels tsjirpen
Rond middernacht is alles glinstering
Onder de middag gloeit alles paars
En de avond is gevuld met vogelgefladder

Ik zal opstaan om naar Innisfree te gaan
Want daar hoor je altijd, dag en nacht
Hoe het water van het meer kabbelt
Met lage geluiden tegen de waterkant
En als ik midden op de weg sta
of op het grijze plaveisel wacht
Hoor ik het kalme kabbelen
vredig en robuust in de grond van mijn hart

Geen opmerkingen:

Een reactie posten